‘De erfenis van Adriaan’ – Johan Lock

De kerk van  Adriaan

Het ‘Huis van Licht’ oftewel, ‘de kerk van Adriaan’ begon met vijf echtparen: Herman en Aafke, Bram en Tinie, Arnold en Magda, Adriaan en Johanna, Gert en Diny. Ze gingen een verbond aan met met God en met elkaar: een verbond van onvoorwaardelijke trouw. Ze verlangden naar meer en willen geen lauwe christen zijn.

En dan de reactie van broeder (en neef) Otto, wanneer oom Adriaan tientallen jaren later is overleden:

Langzaam hervindt hij zichzelf. Hij haalt diep adem en zakt achterover in zijn stoel. ‘Dank U, God’, fluistert hij, ‘dank U dat ik hem nooit meer hoef te zien’.

Hoe kan het zo mis gaan?

Al vóór de dood van Adriaan gingen er verhalen rond over seksueel misbruik van Adriaan met vrouwen uit de gemeente. Na zijn dood kwam er nog veel meer openbaar. Hoe kan het zo mis gaan in een gemeente? Dit boek is voor een deel autobiografisch. Laurens in het boek, is het alter ego van de schrijver Johan Lock. Het ergste is dat deze dingen niet alleen in het ‘Huis van Licht’ uit het boek gebeuren, maar in veel evangelische, charismatische en/of Pinkstergemeenten. Niet alleen vroeger, maar nog steeds, ook vandaag. We leren er niet van. Enkele citaten uit het boek:

Diny is behoorlijk ontdaan wanneer ze van Marga hoort dat Arnold getuige is geweest van een niet na te vertellen, maar onmiskenbaar ernstige en beladen woordenwisseling tussen de profeet en de voorganger.

Wanneer Bram en Adriaan, die het meest vertrouwd zijn met de manieren waarop God zich in hun midden manifesteert, het al niet eens zijn over Zijn identiteit, hoe kan zij dan weten waar ze het moet zoeken? Hoe is het trouwens mogelijk dat ze hierover van mening verschillen?

Ze kan er geen chocola van maken en besluit dat ze erop moet vertrouwen dat Adriaan er wel wijs uit kan en haar en anderen de rechte weg blijft wijzen (pagina 137).

Dit laat meteen al een paar problemen zien. Diny raakt in de war van het feit dat twee oudsten van mening verschillen. Iets wat ‘gewoon’ zou moeten zijn, want ieder mens is anders en je kunt het nooit in alles precies met elkaar eens zijn.
Diny kijkt op naar de mannen. Ze ‘maakt er geen chocola van’, begrijpt het niet en denkt blijkbaar dat Adriaan wel de juiste weg wijst. Blijkbaar is ze niet gewend om zelf na te denken of de Bijbel erop na te slaan en te zoeken naar wat wijs is, of kan het echt niet.

Een gebouw

Vijfentwintig jaar hield de kerk van Adriaan haar bijeenkomsten in huiskamers, wijkgebouwen en schoolaula’s. Dan lukt het Adriaan om een gebouw aan te kopen. Hij zet steeds al zijn plannen door, geholpen door profetieën van God.

Voordat het avond is weet de helft van de gemeenteleden dat we vanaf heden niet alleen een kerk zijn, maar ook een kerk hebben. En nadat het dag is geworden en weer avond, weet de andere helft het eveneens. Dat er geen gemeenteleden zijn gekend in deze beslissing lijkt niemand te verbazen (pagina 197).

Manipulatie

Jaren later zijn de kinderen van de vijf echtparen volwassen en krijgen ook hun taken in het ‘Huis van Licht’. Otto en Laurens zijn neven van oom Adriaan en hebben leidinggevende functies.

Op een gegeven moment vertrekken er gemeenteleden. De ware reden weet alleen Adriaan en de vertrekkende leden. De leiding van de gemeente zet hen snel in een kwaad daglicht. Ze zouden leugens verspreiden die geestelijk lijken, maar vleselijk zijn. Otto mag het klusje klaren en schrijft:

Hier geldt dan ook het Bijbelse advies: ‘Ga niet om met dezulken.’ Met hartelijke groet, uw voorganger en broeder, Otto. 

Eén ding is zeker: deze regels zijn niet door Otto geschreven. Van het meezuigende kielzog en de vleselijke leugens tot het tweedracht zaaien en moeite getroosten zie je de pasfoto van Adriaan in levendige kleuren tussen de regels oprijzen (pagina 258).

Het zit Laurens toch niet helemaal lekker, maar lees hier hoe hij daarmee omgaat:

Dat een aantal voormalige broeders en zusters is zwartgemaakt, terwijl feitelijk niemand weet wat Robbin aan vleselijke tweedracht zou hebben gezaaid, dat is en blijft vervelend. In de drukte van al het geestelijk en politiek gemanoeuvreer in mijn hoofd lukt het me echter niet om daar diep over na te denken. Ik beschouw het maar als een gevalletje bijkomende schade. Bij veranderingsprocessen is dat onvermijdelijk, dat weet iedereen (pagina 260).

Het verbond en de naam van het ‘Huis van Licht’ is belangrijker dan de waarheid en dan mensen. De neven zijn gehersenspoeld lijkt het en houden oom Adriaan de hand boven het hoofd. Een gesprek met Adriaan heeft geen zin.

Je stelt een vraag die over hem gaat en je krijgt een gesprek dat over jou gaat,’ onderbreekt Christien hem. ‘Het is altijd hetzelfde liedje, Otto.’ (pagina 310).

Omvallen in de Geest om de schijn op te houden

Hoever leidinggevenden kunnen gaan om maar de schijn op te houden eensgezind te zijn lees je hier als het gaat over vallen in de Geest:

Dat de Almachtige van Zich laat spreken door mensen omver te kegelen, niet alleen af en toe, maar op min om meer fabrieksmatige schaal, klinkt me onwaarschijnlijk in de oren. Alleen heeft dat idee nu, buiten mijn toedoen, voet aan de grond gekregen in ons midden. Wanneer ik in die omstandigheden voor mij laat bidden zonder onderuit te gaan, wek ik de schijn dat het zo’n vaart niet loopt met de openbaring van God in onze samenkomsten, voed ik twijfel aan de door Otto ingezette koers en doe ik afbreuk aan het collectieve zelfvertrouwen. Dat alles wil mijn veradrianiseerde brein voorkomen, en zo beland ik op de vloer (pagina 327).

Eensgezind zijn

Wat mijn vader vindt van al die nieuwigheid, weet ik niet. Bij onderwerpen waarover verdeeldheid kan ontstaan, volgt hij nu eenmaal altijd dezelfde strategie: hij houdt zich op de vlakte. Zoals hij zich nooit een standpunt leek aan te matigen over Adriaans handelen met de gemeente, zo zwijgt hij ook over de keuzes die Otto maak. Dát we eensgezind zijn lijkt voor hem zwaarder te wegen dan de vraag waaróver we het eigenlijk eens zijn (pagina 327).

Het is te begrijpen dat Gert, de vader van Laurens geen zin had in gedoe. Maar door zich altijd op de vlakte te houden helpt hij niemand. Zijn familie niet, (ex) gemeenteleden niet en uiteindelijk ook zijn broer Adriaan niet.

Wat is jouw erfenis?

Wat mij betreft is dit boek verplichte literatuur voor iedere dominee, voorganger, ouderling, diaken, oudste(echtpaar) of leidinggevende van een kerkelijke gemeente.

Lees het of geef het kado bij de start van elke huisgemeente en bevestiging in ambt van dominee, voorganger, ouderling, diaken, oudste of leidinggevende. Niet wanneer het al te laat is. Juist als je in een fijne gemeente zit, waar jullie het goed hebben met elkaar. Lees het ter voorkoming van… Want de geschiedenis laat steeds weer zien dat het zomaar mis kan gaan met alle gevolgen van dien.

Stel jezelf de vraag ‘Wat is mijn erfenis?’ of ‘Wat is de erfenis van mijn kerk of gemeente?’ 

Schrijver Johan Lock

3 reacties op “‘De erfenis van Adriaan’ – Johan Lock”

  1. Misschien niet helemaal terecht, maar ik kijk meestal wantrouwend naar die piepkleine kerkjes en bijeenkomsten die totaal onafhankelijk zijn van kerkverbanden en geen zicht op is.

Jouw reactie stel ik op prijs en wordt z.s.m. geplaatst