Bijbelboek 1 & 2 KRONIEKEN

1 en 2 Kronieken

De boeken 1 Kronieken en 2 Kronieken waren oorspronkelijk één boek in de Hebreeuwse Bijbel en is ook het laatste boek in de Hebreeuwse Bijbel. 1 en 2 Kronieken beschrijven dezelfde periode als 2 Samuël en 1 en 2 Koningen. Het gaat over de geschiedenis van David en Salomo tot het moment dat de Perzische koning Kores (of Cyrus) de joden toestemming geeft naar hun land terug te keren (539 voor Christus). De ballingschap en de tijd ervóór dus, maar ze werden pas ná de ballingschap geschreven.

De schrijver is onbekend. Het zou Ezra geweest kunnen zijn omdat het boek Ezra over dezelfde onderwerpen gaat en het boek Ezra doorloopt na het slot van 2 Kronieken. Maar 2 Kronieken 36:22-23 en Ezra 1:1-3a kunnen ook een latere toevoeging zijn, op basis van het andere Bijbelboek.

Verschil tussen Samuël/Koningen en Kronieken

Doordat Samuël, Koningen en Kronieken in onze Bijbel achter elkaar staan denken we dat Kronieken dezelfde inhoud heeft en zijn 1 en 2 Kronieken niet zo bekend. De overeenkomsten zijn groot en het is duidelijk dat de schrijver van Kronieken gebruik maakt van eerder geschreven boeken zoals Genesis, Samuël en Koningen. Er zijn wel verschillen tussen Samuël/Koningen en Kronieken, de benadering is namelijk heel anders.

  • De schrijver van Kronieken noemt wel de positieve verhalen, maar laat de negatieve verhalen over David en Salomo weg. In Kronieken staan niet de zonde van David met Bathseba en de afgoderij van Salomo. Wel herinnert de schrijver aan de minder mooie verhalen, door namen te noemen van mensen die erbij betrokken zijn. Zoals Uria, Bathseba en Tamer.
  • Koningen is kort na de gebeurtenissen geschreven. Kronieken pas lange tijd na de ballingschap. In het geslachtsregister worden 2 generaties na Zerubbabel genoemd, die omstreeks 520 voor Christus leefde.
  • In Koningen staat de politieke geschiedenis voorop, Kronieken bevat vooral de religieuze geschiedenis.
  • Na de splitsing tussen de koninkrijken spreekt de schrijver van Kronieken met geen woord meer over de koningen in het Noorden, maar wel uitgebreid over de koningen in het Zuiden. De schrijver van Kronieken spreekt wel over ‘geheel Israël’. Zo toont hij zijn betrokkenheid bij de andere stammen en geeft hij hoop op een herleving van Israël als geheel.
  • De invalshoek van Koningen is ‘profetisch’, er wordt gewezen op zonden. Kronieken is priesterlijk en bedoeld om de Joden in de tijd na de ballingschap te bemoedigen.
  • De geslachtsregisters in Kronieken gaan heel ver terug. Van Adam, de eerste mens, via Noach en zijn zoon Sem naar Abraham, die samen met zijn nageslacht zo belangrijk is voor het plan van God met de wereld. De teruggekeerde ballingen moesten gaan beseffen wie ze waren, een koninklijk volk met een duidelijke afkomst, het volk van God.
  • Koningen eindigt met de ballingschap en Kronieken met de terugkeer van de Joden.

Inhoud 1 en 2 Kronieken

  1. Geslachtsregisters
  2. De regering van David
  3. De regering van Salomo
  4. De koningen van Juda

1 Kronieken 1 t/m 9 – Geslachtsregisters

  1. Adam tot Abraham, de nakomelingen van Abraham, de koningen van Edom
  2. De nakomelingen van Juda
  3. De nakomelingen van David
  4. Nog meer nakomelingen van Juda en de nakomelingen van Simeon
  5. De nakomelingen van Ruben, van Gad en van de halve stam van Manasse
  6. Levi, de stam van de priesters
  7. De nakomelingen van Issaschar
  8. De nakomelingen van Benjamin
  9. Jeruzalem na de ballingeschap en het geslacht van Saul

1 Kronieken 10 t/m 29 – Regering van David

De beschrijving begint met de dood van Saul. David wordt koning, verovert Jeruzalem en brengt de ark naar Jeruzalem. David mag de tempel niet bouwen, maar begint wel aan de voorbereidingen daarvan. God belooft David een rijk dat nooit meer zal ophouden.

2 Kronieken 1 t/m 9 – Regering van Salomo

Als Salomo koning wordt vraagt hij God om wijsheid. God heeft hem wijsheid, rijkdom en eer. De voorbereiding, de bouw en de inwijding van de tempel worden beschreven. De rijkdom en roem worden beschreven en het bezoek van de koningin van Seba.

2 Kronieken 10 t/m 36 – De koningen van Juda

  • Asa: doet de afgodsbeelden weg. Toen hij ziek was vertrouwde hij niet op God.
  • Josafat: leeft met God en wordt door God gezegend. Laat zijn zoon Joram trouwen met een dochter van de goddeloze koning Achab.
  • Joram: is een slechte koning en verlaat God.
  • Joas: was zeven jaar toen hij koning werd en deed wat goed was in Gods ogen. Als volwassene koos hij voor de afgoden en werd bij een samenzwering vermoord.
  • Josia: vond tijdens een schoonmaak van de tempel de boekrol met de wet en God. Hij deed er alles aan om het volk te hervormen in een tijd dat er steeds meer afgoden aanbeden werden.

Na Josia kwam er geen koning meer die God oprecht diende en vanwege alle zonde en het afwijzen van God kwam het oordeel van de ballingschap. Kronieken eindigt wel positief, met de toestemming van Cyprus/Kores, de Perzische koning, om de joden naar Jeruzalem terug te laten keren en de tempel te herbouwen.

De tempel

De tempel van Salomo
Bron: HSV-Studiebijbel

De tempel van Salomo is gebouwd in 966 voor Christus. De Babyloniërs hebben hem verwoest in 586 voor Christus. De tempel van Salomo was groter dan de tabernakel: 2 Kronieken 3:3-4.

De tempel is een belangrijk onderwerp in Kronieken. Na de ballingschap moest het volk weer leren waar het om ging. Er worden veel nieuwe voorwerpen gemaakt voor de tempel: twee pilaren met de namen Jachin en Boaz, een brandofferaltaar, een bronzen wasbekken geplaatst op twaalf bronzen runderen (de Zee), tien spoelbekkens en tien gouden lampenstandaards en tien tafels.

Tempel voor God

God wil dat de Israëlieten Hem hun offers brengen op een centrale plaats. Voor die tijd waren er veel plaatselijke altaren. Die waren vaak de oorzaak van afgoderij of vermenging met andere godsdiensten. Mensen uit de hele wereld kwamen naar Salomo en de tempel en kwamen in contact met de God van Israël. Ook toen al, had God de hele wereld op het oog en niet alleen het volk Israël. Daarom werd Jezus zo boos toen er een zooitje was gemaakt van het tempelplein, omdat dit het voorhof van de heidenen was.

Kronieken en het Nieuwe Testament

Paulus legt uit dat christenen zijn geënt in Gods volk. De stamboom in 1 Kronieken 1 tot 9 hebben daarom ook ons iets te zeggen.

In het Nieuwe Testament komt de mens niet naar de tempel, maar moeten de apostelen juist vanuit Jeruzalem naar de volken toe. Door het offer van Jezus is de offerdienst volgens de wet van Mozes niet meer nodig en door de uitstorting van de Heilige Geest ontstaat een nieuwe, levende tempel van God, de gemeente van Christus.

In Openbaring staat dat God mensen heeft vrijgekocht uit iedere stam en taal en natie om over de aarde te regeren. Over het nieuwe Jeruzalem: “Ik zag geen tempel in haar, want de Heere, de almachtige God, is haar tempel, en het Lam” (Openbaring 21:22 HSV).

Kronieken, Psalmen en Bach

Bach schreef in zijn aantekeningen bij 1 Kronieken 25 “Dit hoofdstuk is het ware fundament van alle God welgevallige Kerkmuziek”. Meer over Kronieken, Psalmen en Bach is te lezen en een artikel uit het RD van februari 2019: Bijbelboek Kronieken geeft inzicht in betekenis psalmen.

Literatuur

Deze blog of samenvatting van de Bijbelboeken 1 en 2 KRONIEKEN heb ik gemaakt met hulp van:

Folder-ETS-2019-2020

Jouw reactie lees ik graag en wordt z.s.m. geplaatst